Een van de speerpunten in het Nederlands onderwijsbeleid is het omgaan met verschillen tussen leerlingen. De ervaring van veel ouders met kinderen die geen gemiddelde leerlingen zijn is echter, dat scholen niet goed zijn ingesteld op die verschillen. Dat er desondanks oplossingen gevonden kunnen worden, bewijst Marinette Boulanger in het eerste deel van Help, mijn dochter is hoogbegaafd. Haar hoogbegaafde dochter Nanette bleek behoefte te hebben aan een afwijkend onderwijsprogramma. De ervaringen die moeder en dochter opdeden tijdens de eerste negentien jaar van Nanettes leven worden hier helder beschreven: onbegrip, tegenwerking, jaloezie, maar ook begrip, welwillendheid en goede begeleiding.

In het tweede deel van het boek plaatsen dr. Willy Peters en drs. Lianne Hoogeveen van het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek van de Katholieke Universiteit Nijmegen deze persoonlijke ervaringen in een breed en internationaal wetenschappelijk kader.

Het boek is bedoeld voor ouders van hoogbegaafde kinderen, voor diegenen die professioneel met hoogbegaafden in aanraking komen en iedereen die in hoogbegaafdheid geïntereseerd is.

De auteurs:

Marinette Boulanger (1954) volgde de opleiding bezigheidstherapie en hield zich onder meer bezig met stervensbegeleiding. Ruim twintig jaar was ze zowel uitvoerend als bestuurlijk actief binnen het jeugdwerk. Na de geboorte van haar eerste kind koos ze ervoor om fultime moeder te zijn. Ze heeft alle gebeurtenissen en ervaringen op schrift gesteld. Nadat bekend was dat een van haar kinderen hoogbegaafd was, heeft ze zich verdiept in deze materie, probeerde ze andere ouders tot steun te zijn en zocht erkenning voor deze problematiek. Naast haar gezin is ze al vijftien jaar zeer actief binnen het pastoraatwerk en begeleidde onder meer tien jaar een groep jongeren.

Willy Peters studeerde na de Pedagogische Academie, psychologie aan de Katholieke Universiteit te Nijmegen. Daar studeerde hij in 1989 af bij prof. dr. Franz Mönks. Vanaf die tijd is hij werkzaam bij het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek (CBO), waar hij kinderen onderzoekt en ouders en leerkrachten adviseert. Daarnaast geeft hij onderwijs over hoogbegaafde kinderen aan studenten pedagogiek en begeleidt hij studenten met stages en scripties, en dissertaties. Tevens houdt hij zich in internationaal verband bezig met bijscholing van leerkrachten. In 1998 promoveerde hij op een onderzoek naar de ontwikkeling van het zelfbeeld bij (hoog)begaafde jongeren tussen 10 en 16 jaar. Sinds augustus 2000 is hij lid van het bestuur van ECHA (European Council on High Ability), een Europees netwerk rond hoogbegaafdheid dat de officieel erkende NGO-status heeft bij de Raad van Europa.

Lianne Hoogeveen studeerde ontwikkelingspsychologie aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen, waar ze in 1988 afstudeerde bij prof. dr. Franz Mönks. Na enige tijd in Peru te hebben gewoond en gewerkt, kwam ze terug naar Nijmegen en werd een van de stafleden van het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek (CBO), onderdeel van de Katholieke Universiteit Nijmegen. Haar activiteiten lopen uiteen van psychologisch onderzoek bij kinderen en advisering aan ouders, leerkrachten, docenten en hulpverleners tot het geven van cursussen en workshops aan studenten, leerkrachten en docenten, zowel in als buiten Nederland. Ze is freelance medewerker van het tijdschrift Vooruit en doet onderzoek naar de effecten van attitudes met betrekking tot versnelling in de schoolloopbaan. Haar bedoeling is op dit onderwerp te promoveren.

Titel:
Help, mijn dochter is hoogbegaafd

Auteur:
Marinette Boulanger, Willy Peters, Lianne Hoogeveen

Uitgeverij:
Uitgeverij LEMMA BV, Utrecht, © 2000

ISBN:
90-5189-856-8

Bestel uw boek hier!