Waarom ontwikkelen slimme meisjes eetstoornissen?

Ouders van hoogbegaafde meisjes vragen zich misschien af hoe het eigenlijk kan dat slimme meisjes een eetstoornis kunnen ontwikkelen. Behoedt hun intelligentie, inzicht en maturiteit op de een of andere manier hen niet tegen het ontwikkelen van zulke problemen?

Of hebben ze juist meer kans dan anderen om problemen met eten te hebben?

Wat houdt een eetstoornis juist in?

Typische kenmerken van eetstoornissen, zoals anorexia, boulimia en eetbuistoornis (binge eating) zijn onder meer:

  • het steeds maar denken aan voedsel, het gewicht en lichaamsbeeld
  • een ongezonde verandering in het eetpatroon, zoals minder gaan eten, dwangmatig overeten, of een cyclus van eetbuien en pogingen om gewichtstoename te voorkomen door over te geven of overmatig te gaan bewegen
  • psychologische effecten, zoals obsessief denken, angst, een laag zelfbeeld, depressie, een vertekend lichaamsbeeld en schaamte en geheimhouding over deze ziekte
  • medische complicaties, met inbegrip van extreem gewichtsverlies (of winst), de menstruatie die uitblijft, problemen met de spijsvertering of verstoring van de elektrolytenbalans

Eetstoornissen ontstaan vaak tijdens de middelbare school, maar de symptomen kunnen veel eerder beginnen of kunnen nog later in het leven ontwikkelen. Er wordt geschat dat de prevalentie van anorexia 1% is en van boulimia 4%. Mannen kunnen ook worden gediagnosticeerd met een eetstoornis (ongeveer 5-10% van de mensen met anorexia en 10-20% met boulimia zijn mannelijk). En hoewel het veel vaker voor komt bij onze westerse blanke middenklasse – waarin het zelfbeeld van jonge vrouwen continu uitgedaagd wordt door het slankheidsideaal in onze media – ontwikkelen de meeste vrouwen geen eetstoornissen. Op dezelfde manier, kan diëten vaak de trigger zijn voor het ontwikkelen van eetstoornissymptomen, maar calorieën tellen ontwikkelt zich zelden tot een ernstig probleem bij de miljoenen vrouwen die diëten. Uit onderzoek blijkt zelfs dat 91% van de universiteitsstudentes gemeld heeft ooit al eens een dieet te hebben gevolgd.

Dus, waarom ontwikkelen slimme meisjes eetstoornissen?

Omdat…

  • Ze kunnen het niet helpen. Ze hebben er niet voor gekozen om een eetstoornis hebben – net zoals niemand kiest voor een depressie, alcoholisme of diabetes. Recent onderzoek heeft eetstoornissen gekoppeld aan genetische, erfelijke oorzaken en aan chemische verschillen in het brein. Sommige meisjes met anorexia reageren verschillend op honger en verzadiging, en eens ze ondervoed raken, vermindert hun vermogen om te oordelen en te besluiten. En factoren zoals traumatische stress en overgangen in de ontwikkeling zijn een vereiste om deze symptomen te laten ontstaan. Maar intelligentie en hoogbegaafdheid spelen geen rol in zowel het voorkomen of het tegengaan van deze symptomen.
  • Zij kunnen al traumatische ervaringen hebben gehad die voorafgaan aan het ontwikkelen van een eetstoornis. Terwijl een genetische of biochemische aanleg noodzakelijk kan zijn, zijn er veel patiënten die een geschiedenis van seksueel misbruik of ernstige lichamelijke mishandeling hebben, vaak gepaard gaand met depressie, angst en een post-traumatische stress-stoornis. Hoewel het tegengesteld lijkt, is het verkrijgen van controle over hun voeding vaak een poging om de herinneringen aan het misbruik te beheren en hun gevoelens van hulpeloosheid te beheersen.
  • Zij kunnen eigenschappen gemeen hebben met mensen die ook een eetstoornis hebben. Sommige hoogbegaafde meisjes en mensen met eetstoornissen kunnen zeer gevoelig en emotioneel zijn; ze overdenken ook vaak zaken en zijn vaak gedreven en perfectionistisch. Als er al een genetische en/of biochemische aanleg is om een eetstoornis te ontwikkelen, samen met triggers door gebeurtenissen in hun leven, dan kunnen deze eigenschappen die toegeschreven worden aan hoogbegaafdheid een kanaal krijgen in obsessieve gedachten over voedsel en een streven naar het bereiken van een onrealistisch gewicht. Sommigen kunnen zich overweldigd voelen door hun verhoogde gevoeligheid en reactiviteit, en de symptomen van een eetstoornis lijken daarbij tijdelijk troost te bieden.
  • Zij kunnen psychische problemen hebben die ermee samengaan, zoals een depressie, angst, obsessief-compulsieve stoornis, drugs- of alcoholproblemen of zelfverminking. Ook hier hebben ze niet voor gekozen! Maar worstelen met extra psychische stress, samen met familiale, vriendschaps- of relatiecrisissen, maakt het waarschijnlijker dat een eetstoornis zich zou kunnen ontwikkelen. Soms kan de obsessieve focus op minder gaan eten en gewicht verliezen of het bijna verslavende gevoel van een vreet-en-braak-cyclus, een opluchting zijn, een afleiding en een uitlaat voor nog meer overweldigende stressoren en emoties in hun leven.
  • Ze kunnen zich als een buitenbeentje voelen, als iemand die onaangepast is, buitengesloten en geïsoleerd door hun peers, vaak geplaagd en gepest. In een poging om aan populariteit te winnen en in te passen nemen sommige hoogbegaafde meisjes hun toevlucht tot een dieet om aan een ideaalbeeld te voldoen. Voor sommigen gaat het dieet over in een ernstiger eetstoornis.

Sommige onderzoekers stellen dat een groot deel van de mensen met een eetstoornis ook hoogbegaafd zijn. De klinische indruk bestaat dat mensen met een eetstoornis een hoger dan gemiddeld IQ en opleidingsniveau hebben. Daarnaast wordt gesuggereerd dat perfectionisme van mogelijke invloed kan zijn op het IQ en het opleidingsniveau bij mensen met een eetstoornis (Theunissen, 2014). Anderen ontdekten dat mensen met een familielid met anorexia gemiddeld een hoger IQ hebben en een beter werkgeheugen (Micali, 2012). Zonder aanvullend onderzoek, is het nog te vroeg om te speculeren over de prevalentie van meisjes met een eetstoornis die hoogbegaafd zijn.

Wat belangrijker is, is de vraag hoe deze eetstoornis de hoogbegaafdheid beïnvloedt van deze meisjes en hoe hun hoogbegaafdheid een invloed heeft op hun behandeling en herstel.

  • Hoe spelen sociale en emotionele kenmerken van hoogbegaafdheid, zoals verhoogde gevoeligheid, asynchrone ontwikkeling of perfectionisme een rol?
  • Hoe dragen ervaringen uit de kindertijd, zoals moeite hebben met het vinden van ontwikkelingsgelijken, zich onbegrepen voelen en mogelijk gepest worden, bij aan de stoornis?
  • Zien ze hun eetstoornis als een verweer tegen bijvoorbeeld angst om academische risico’s te nemen, existentiële depressie of besluiteloosheid over hun carrièrerichting?
  • Zijn hoogbegaafden beter in staat om psychologen en hulpverleners “te slim af” te zijn, zodat ze zich kunnen blijven wentelen in hun stoornis?

Net zoals in elk ander gebied van hun leven, heeft hun hoogbegaafdheid een impact op wie ze zijn. En het zal ongetwijfeld een rol spelen in de behandeling en het herstel van deze ziekte. Hoogbegaafdheid begrijpen is dan ook essentieel voor familie, vrienden en professionelen om elke hoogbegaafde die worstelt met een eetstoornis te helpen.

Hoe kunt u uw kind (of vriendin, studente of familielid) helpen als ze een eetstoornis heeft?

  1. Sta erop dat ze hulp krijgt. Aanvaard geen ‘neen’ als antwoord. Hoe eerder de eetstoornis wordt behandeld, hoe minder het ervoor zorgt dat het niet gezien wordt en hoe eerder zij op haar weg naar herstel zal zijn. Ambulante behandeling omvat meestal individuele en gezinstherapie, voedingsadvies, een ondersteunende groep en medische controle bij een arts. Als ambulante therapie niet voldoende is, kan je overwegen om in opname te gaan om de symptomen snel aan te pakken en een goede start op herstel te bevorderen.
  2. Zoek een uitgebreid behandelingsteam van hulpverleners zoals een psycholoog, psychiater, voedingsdeskundige, (ortho)pedagoog, kinesitherapeut en arts die gespecialiseerd zijn in eetstoornissen en weten wat hoogbegaafdheid inhoudt. Neem contact op met uw (kinder)arts, met de leerlingenbegeleider van de school of andere betrouwbare bronnen voor doorverwijzingen naar hulpverleners. Er zijn ook een aantal sites, zoals die van de vereniging ANBN of van centra in ziekenhuizen die gespecialiseerd zijn in eetstoornissen, die je een bepaalde richting kunnen geven. Vertrouw op je kind en op je eigen intuïtie over een therapeut, zelfs als de verwijzing afkomstig is van iemand die jij vertrouwt. Dit is een investering in de gezondheid van je kind en allemaal moeten jullie je comfortabel voelen met wie je ook kiest.
  3. Zorg voor een plan B als je kind therapie weigert. Als je je zorgen maakt over haar gezondheid (bijvoorbeeld gewichtsverlies, braken), neem haar mee naar haar (kinder)arts, die haar symptomen kan evalueren en haar kan informeren over het belang van een behandeling. Als ze nog steeds weigert, staat ze misschien wel open voor een gesprek met een geregistreerde diëtist, die samen met haar kan werken aan een plan om opnieuw gezond te eten. Als ze zich niet aan het plan kan houden, dan heb je samen met de diëtist meer autoriteit in je bewering dat ze behandeling nodig heeft. Kijk of er nog andere volwassenen in haar leven zijn die ze vertrouwt en die met haar kunnen spreken over de noodzaak van therapie. Als laatste redmiddel, zou je een of andere vorm van interventie kunnen opvoeren waar jij en alle anderen die haar graag, zien haar kunnen uitdagen over jullie bezorgdheid omtrent de noodzaak voor behandeling.
  4. Draag zorg voor jezelf. Hoewel het belangrijk is om de privacy van uw kind te respecteren, vraag haar of je met je familie en vrienden mag spreken over haar stoornis, zodat je ook gesteund wordt. Wanneer je kind worstelt, lijd je evengoed. Als je extra begeleiding nodig hebt, soms zelfs therapie, dan kunnen zelfhulpgropen of zelfs online groepen nuttig zijn. Hoe moeilijk het ook is, weet dat jouw betrokkenheid en bezorgdheid een krachtige boodschap van steun en aanmoediging is bij je kind en dat het haar zal helpen bij haar uiteindelijke herstel.
Vrije vertaling van Post, G.
Gifted Challenges Blogspot: Why do smart girls develop eating disorders?
Copyright © 2017 Sabine Sypré, Hoogbloeier cvba, Gent – Alle rechten voorbehouden. Niets uit dit artikel mag worden verveelvoudigd, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur: info@hoogbloeier.be. Online delen mag mits vermelding van auteur en link naar dit artikel.