Hoe ogenschijnlijk succesvolle hoogbegaafde leerlingen onder het niveau van hun potentieel blijven!

Er is heel veel onderzoek dat aantoont dat er veel hoogbegaafde kinderen onderpresteerders zijn die hun maximale potentieel niet bereiken. Sommige verbergen hun capaciteiten om bij hun klasgenoten te horen; anderen zeggen ‘foert’ en raken amper door hun examens; en een aantal van deze jongeren haken helemaal af, de drop-outs. Presteren op school heeft voor hen helemaal geen betekenis meer en hun intrinsieke motivatie om te leren lijkt te zijn verdwenen. Deze opvallende onderpresteerders trekken vaak de aandacht van scholen omdat het zo duidelijk is dat deze jongeren afhaken.

Er zijn echter andere onderpresterende hoogbegaafde leerlingen die verborgen blijven; hun worsteling wordt slechts gedetecteerd door wie goed kan kijken en weet waar hij naar moet kijken. Op het eerste zicht lijken deze kinderen modelstudenten, met goede cijfers die de schijn opwekken van hard werken, van hoge motivatie en gedrevenheid. Maar toch bereiken zij hun werkelijke potentieel niet en dit blijft onopgemerkt. Ze blijven onder de radar.

Deze onderpresterende studenten hebben geleerd om door school te walsen en nog steeds goede cijfers te behalen. Ze maken zich snel van hun werk af en houden zich daarna bezig met lezen, sms-en, droedelen of dagdromen. Ze lijkt misschien goed mee te werken, maar in werkelijkheid zijn ze aan het rebelleren door er zich snel van af te maken en goed te presteren, maar wel onder hun niveau. Ze hebben het vertrouwen in het onderwijssysteem verloren, een systeem dat saai en levenloos lijkt en daarom hebben ze geleerd om zichzelf te vermaken en net genoeg moeite te doen om gewoon door school te geraken. Maar ze weten niet waar hun grenzen liggen, ze weten niet hoe te falen en het kan ze niet meer schelen om zichzelf vooruit te krijgen.

Deze leerlingen die onder de radar blijven, maken het zichzelf makkelijk en nemen hierin een aantal risico’s, maar deze strategieën helpen hen niet vooruit om hun potentieel te bereiken. Hun acties weerspiegelen een passief verzet, een afkeer van al te grote risico’s, een vermijden van conflicten en zijn vooral pogingen om zichzelf te vermaken. Zo kunnen zij:

  • een ‘makkelijke’ richting kiezen om studie- en huiswerk dat veel inspanning zou vereisen te vermijden;

  • niet deelnemen aan competitieve activiteiten, zoals een debatteam of de Wiskunde Olympiade, om mogelijke jaloerse of boze reacties van klasgenoten te ontwijken;

  • weigeren om iets te doen dat zou kunnen leiden tot falen of afwijzing, zoals bijvoorbeeld deelnemen aan een auditie voor de hoofdrol in het toneelstuk op school;

  • een taak uitstellen tot de laatste minuut om te zien hoe snel ze een opstel kunnen schrijven net voor de deadline;

  • weigeren om hun muziekinstrument te oefenen voor de schoolmuziekgroep, om te zien of ze zonder oefenen nog steeds solo mogen spelen;

  • er trots op zijn dat ze enkel met het lezen van samenvatting nog steeds tienen halen voor geschiedenis;

  • vermijden om deel te nemen aan een wetenschapsbeurs omdat het project te veel extra werk zou vereisen;

  • weigeren te studeren of zich voor te bereiden voor een ingangsexamen omdat ze beweren dat alleen maar een “zuivere” score hun echte vaardigheden toont.

De lange, trage weg naar onderpresteren

Hoogbegaafde onderpresteerders starten hun schoolcarrière net op dezelfde manier als de meeste hoogbegaafde kinderen: leergierig en enthousiast hun grenzen opzoeken en nieuwe uitdagingen omarmen. Geleidelijk aan echter komt er teleurstelling om de hoek kijken – soms vroeg, soms later – maar altijd is dit een reactie op verveling en teveel herhaling in de klas. Hoogbegaafde kinderen worden het gewoon om snel door de meeste oefeningen te gaan en nadien zichzelf bezig te houden terwijl de lessen herhaald worden voor de andere leerlingen. Ze leren het af om zoveel vragen te stellen omdat andere leerlingen én ook de leerkracht hierop opmerkingen maken. Ze leren ook dat vragen naar meer uitdagende opdrachten een zucht van frustratie kan oproepen bij een overbelaste leraar of dat dit resulteert in bezigheidstherapie of extra huiswerk.

In tegenstelling tot de absoluut onderpresterende hoogbegaafden die ermee worstelen om zelfs gemiddelde cijfers te bereiken of misschien volledig stoppen met school, hebben deze onderduikers niet per se last van familiale conflicten of persoonlijke karaktertrekken die soms worden toegeschreven aan onderpresteren, zoals onzekerheid of perfectionisme. En hoewel ze druk kunnen ondervinden om zich te conformeren en te voldoen aan sociale, culturele of genderstereotypen, hebben de meeste van deze studenten geen grote emotionele of psychische problemen. Wel zijn ze apathisch, zelfgenoegzaam en gefrustreerd als reactie op een educatieve omgeving die hun behoeften continu heeft genegeerd – en dit vaak al jaren.

Frustratie, apathie en angst

Deze onderpresteerders ervaren verschillende tegenstrijdige emoties als het om inspanningen gaat. Ze worden cynisch over alles wat met school te maken heeft en voelen frustratie en boosheid ten opzichte van een schoolsysteem dat hun leerbehoeften als minder belangrijk zag dan die van hun klasgenoten. Sommigen kunnen zich ook verraden voelen door docenten die hen verkeerd begrepen, die hen bekritiseerden omwille van hun outside-the-box-denken of die er niet in slaagden hen te beschermen tegen pesten.

Ze geven niet meer om leren en worden apathisch ten opzichte van scholen die geen mogelijkheden voorzien voor hoogbegaafd onderwijs. Ze maken zich zelden druk om ooit hun werkelijke potentieel te bereiken, maar willen wel net voldoende presteren om nog goede cijfers te behalen. “Als er niemand is die mij gaat aanmoedigen, wat zou ik er dan om geven?”

Zonder écht uitdagende academische mogelijkheden ontwikkelen deze onderpresteerders een fragiel gevoel van overmoed, van teveel zelfvertrouwen. Ze kunnen soms arrogant lijken vanuit een cynische en kritische houding ten opzichte van leerkrachten, maar deze houding verbergt vaak onderliggende angsten. De meeste beseffen uiteindelijk wel dat ze de “zelfregulerende vaardigheden” ontberen  (organisatorische strategieën en studievaardigheden) die hun klasgenoten wel de knie hebben. Wanneer leren moeiteloos lijkt, is er weinig stimulans om strategieën en vaardigheden toe te passen die onnuttig lijken op dat moment. Hierdoor zijn deze studenten onvoorbereid op moeilijker en grotere pakken leerstof wanneer dat er eindelijk aankomt. Veel begaafde onderpresteerders vermoeden dat ze door de mand zullen vallen wat hun gebrek aan voorbereiding betreft. Ze zijn bang dat ze zullen ontmaskerd worden als ‘bedriegers’ als ze eenmaal in een meer veeleisende leeromgeving belanden. Hierdoor kunnen ze beginnen twijfelen aan hun capaciteiten zonder dat iemand hier weet van heeft.

Drie tips voor het helpen van hoogbegaafde onderpresteerders

  1. Hoogbegaafd onderwijs binnen de school
    Dit lijkt misschien vanzelfsprekend, want dit kan het probleem zowel voorkomen als oplossen. Maar de onderwijsbehoeften van hoogbegaafde kinderen worden vaak over het hoofd gezien in vele scholen, dikwijls vanwege financiële beperkingen of gebrek aan kennis hierover. Deze leerlingen hebben baat bij leerstof die diepgang en complexiteit bevat, die versneld wordt gegeven, waar ze zich vrij voelen om hun creativiteit te tonen, waar ze niet beschaamd hoeven te zijn om zichzelf te zijn en waar ze samen met andere ontwikkelingsgelijken kunnen leren. Deze hoogbegaafde onderpresteerders moeten (opnieuw) vertrouwen krijgen in de academische omgeving en verwachten dat ze binnen dit schoolsysteem ook kunnen slagen.

  2. Een beroep doen op hun gevoel van integriteit
    Hoogbegaafde kinderen zijn idealistisch met een zeer sterk ontwikkeld gevoel voor eerlijkheid en rechtvaardigheid. Zij zijn bezorgd over minderbedeelden en worstelen met existentiële vragen omtrent de zin van het leven. Soms voelen ze zich door dit idealisme ongemakkelijk omdat ze zoveel talenten hebben of voelen ze schuldig over het feit dat ze zoveel keuzes krijgen die anderen niet hebben. Hoewel hun integriteit bewonderenswaardig is, kan het hen onnodig beperken in hun mogelijkheden. Leer hen te waarderen dat ze later een betere positie zullen hebben om mensen in nood te helpen wanneer ze zichzelf academisch gaan ontwikkelen. Help hen te erkennen dat het negeren van hun talenten uiteindelijk aan niemand ten goede komt.

  3. Zoek naar hun passies en interesses
    Help hen eraan te herinneren dat zelfs wanneer school een vervelende passage is geweest, ze hun energie kunnen richten op dat waar ze het meest van genieten bij het leren. Activiteiten waarbij ze als jong kind speelden en hierbij veel goesting hadden, kunnen worden omgezet in een variant van deze oorspronkelijke activiteit. Als ze bijvoorbeeld van Lego hielden, kunnen ze voor robotica of architectuur gaan. Wanneer ze niet aan hun interesses toekomen op school, help hen dan buitenschoolse activiteiten of online activiteiten te vinden. Zodra ze een zinvolle, boeiende activiteit hebben ontdekt, zijn deze kinderen bereid om zichzelf uit te dagen, om een nieuwe en moeilijke vaardigheid onder de knie te krijgen of om een aantal van de zelfregulerende strategieën die eerder overbodig leken, te ontwikkelen.

Een laatste opmerking…

Als je goed kijkt, vind je hoogbegaafde onderpresteerders die onder de radar blijven overal op alle mogelijke scholen. Sommigen kunnen zich verschuilen achter gemiddelde tot bovengemiddelde resultaten; anderen kunnen uitblinken of zelfs primussen zijn. Geen enkele van hen heeft echter zijn grenzen uitgetest en ze kennen de omvang van hun capaciteiten niet. Als ze ouder worden en naar de universiteit gaan, aan het werk gaan of volwassen relaties aangaan, kunnen ze tegen de muur lopen. Doordat ze onvoldoende organisatorische strategieën beheersen, bang zijn van risico’s en niet gewoon zijn van inspanningen te leveren, kunnen zij worstelen met zelftwijfel, verhoogde apathie en zelfs gevoelens van angst en schaamte. Scholen bewijzen er geen goede dienst mee om deze getalenteerde studenten te negeren en te veronderstellen dat cijfers voldoende bewijs geven dat ze het goed doen.

Het is dan ook nodig om ook voor deze schijnbaar “succesvolle” hoogbegaafde leerlingen – die onder de radar blijven – een pleidooi te blijven houden, zodat ook zij worden uitgedaagd om hun effectieve potentieel te bereiken.

Vertaling van Post, G.
Gifted ChallengesUnderachievers under-the-radar: How seemingly successful gifted students fall short of their potential 
Copyright © 2015 Sabine Sypré, Hoogbloeier cvba, Gent – Alle rechten voorbehouden. Niets uit dit artikel mag worden verveelvoudigd, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur: info@hoogbloeier.be. Online delen mag mits vermelding van auteur en link naar dit artikel.